‘Nooit meer oorlog’, zo zeiden de Europeanen tegen elkaar nadat de Tweede Wereldoorlog Europa in puin had achtergelaten. De twee belangrijkste kemphanen, Frankrijk en Duitsland, besloten dat het voor eens en voor altijd afgelopen moest zijn met de oorlog. En de manier daarvoor was, zo dachten ze: samenwerking. Want als je samen dingen doet en goede afspraken maakt, is de kans op ruzie veel kleiner.
Of het werkte? En of! Niet alleen Frankrijk en Duitsland gingen samenwerken. Ook Nederland, België en Luxemburg voegden zich snel bij de twee landen en niet lang daarna volgde Italië. Groot-Britannië, dat eerder nooit zoveel op had met wat op het Europese vasteland gebeurde, deed na een tijdje aarzelen ook mee.
Toen bleek dat je door samenwerking veel minder snel oorlog kreeg, wilden alle Europese landen graag meedoen. Het bleek daarbij ook nog eens een keer dat de landen door samen te werken veel meer geld konden verdienen. De Europese Unie werd geboren.
De mooiste bekroning voor de samenwerking kwam in 2002. Vanaf dat moment kon je overal in Europa met dezelfde munt betalen: de Euro. Ook Nederland ruilde de gulden in voor de nieuwe Europese muntjes en briefjes. Nederland profiteerde via de handel volop van de samenwerking.
En nu blijkt dat er onderweg wat dingen zijn misgegaan. Sommige afspraken zijn niet duidelijk genoeg gemaakt. Die dingen gaan politici nu proberen op te lossen. Er moet meer controle komen, zodat banken en landen zich allemaal aan dezelfde spelregels gaan houden. Maar in elk geval: als je mensen nu over Europa, de Euro en de Europese Unie hoort praten, dan weet jij waarover ze het hebben. En dan mag je best je mening laten horen!